
Vier letters, IFRS, met een compleet stelsel aan regelgeving erachter. Regelgeving en boekhouden zijn van oudsher elkaars verlengstuk: geen boekhouden zonder regels. Die regels zijn ouder dan de meeste mensen denken. De Italiaanse wiskundige Luca Pacioli beschreef in 1494 het dubbel boekhouden, en dat systeem is eeuwenlang vrijwel onveranderd gebleven. Kennelijk was het zo waterdicht dat er geen behoefte was eraan te tornen.
Waardoor is IFRS ontstaan?
In de financiële wereld van deze eeuw ging dat niet meer op. De boekhoudschandalen rond de eeuwwisseling, met Enron en WorldCom als bekendste voorbeelden, lieten zien hoeveel ruimte de klassieke regels lieten om financiële informatie te vertekenen en soms te manipuleren. Dat bracht het denken over de houdbaarheid van die regels in een stroomversnelling, en er kwam een heel ander stelsel voor verslaglegging: de International Financial Reporting Standards, IFRS.
Voor wie geldt IFRS?
IFRS wordt uitgegeven en onderhouden door de International Accounting Standards Board. De standaarden schrijven nauwkeurig voor hoe over de cijfers moet worden gerapporteerd, en ze zijn inmiddels de gemeenschappelijke boekhoudkundige taal: daardoor is een jaarrekening van bedrijf tot bedrijf en van land tot land te vergelijken.
In de Europese Unie is IFRS sinds 2005 verplicht voor de geconsolideerde jaarrekening van beursgenoteerde ondernemingen. Andere bedrijven mogen kiezen: IFRS, of de regels uit de Nederlandse wet en de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving. Voor het midden- en kleinbedrijf is dat tweede in de praktijk de norm.
Wat er de laatste jaren is veranderd
IFRS staat niet stil, en drie wijzigingen merken bedrijven het meest.
IFRS 16, leases. Sinds 2019 staan bijna alle huur- en leasecontracten op de balans, als recht van gebruik met een bijbehorende schuld. Voor bedrijven met veel gehuurd vastgoed of een groot leasepark veranderde dat de balans en de kengetallen aanzienlijk, zonder dat er iets aan het bedrijf zelf veranderde.
IFRS 17, verzekeringscontracten. Vanaf 2023 in werking, en de grootste omslag voor verzekeraars in decennia: de waardering van contracten en het moment waarop winst wordt genomen, gaan op een andere leest.
IFRS 18, presentatie van de winst-en-verliesrekening. Deze vervangt de oude IAS 1 en gaat in voor boekjaren die op of na 1 januari 2027 beginnen. De winst-en-verliesrekening krijgt vaste categorieën en er komen eisen aan de kengetallen die het management zelf presenteert. Wie nu al met vergelijkende cijfers werkt, moet er dit boekjaar dus rekening mee houden.
En de nieuwe hoek: duurzaamheidsverslaggeving
De grootste ontwikkeling in de verslaggeving zit inmiddels naast de cijfers. De International Sustainability Standards Board, ondergebracht bij dezelfde stichting als de IASB, gaf in 2023 de eerste standaarden uit: IFRS S1 voor algemene duurzaamheidsinformatie en IFRS S2 voor klimaat. In Europa loopt daarnaast de rapportageplicht uit de CSRD met de Europese ESRS-standaarden, waarvan de invoering voor een deel van de bedrijven is uitgesteld en versoepeld.
Praktisch gezien betekent dat één ding: de financiële afdeling rapporteert niet meer alleen over geld. Wie in het financieel management zit, krijgt hier de komende jaren mee te maken, ook in een organisatie die niet beursgenoteerd is, want de eisen sijpelen door via banken, klanten en de keten.
Training financieel management
Voor wie verantwoordelijk is voor het financiële management is het verstandig deze ontwikkelingen te volgen. In verschillende financiële trainingen van Learnit komen de gevolgen van IFRS aan bod, en het interessante van zo'n training is dat de deelnemers onderling hun ervaringen uitwisselen, onder begeleiding van een trainer uit de praktijk.