Introduction
De jaarrekening kent twee winstcijfers over hetzelfde boekjaar. Het ene volgt uit het verslaggevingsrecht, het andere uit de belastingwet. Waar die twee uit elkaar lopen, ontstaat een belastingclaim die op balansdatum al vastligt maar pas in een later jaar wordt afgerekend. Dat is een latente belasting, en het is de post waar in dossiers het vaakst iets misgaat.
De begrippen ken je waarschijnlijk wel. Wat in de praktijk schuurt is de uitwerking: welk verschil levert nu wel een latentie op en welk niet, welke kant gaat hij op, welk bedrag hoort erbij en hoe ziet de boeking eruit. Daar gaat deze gratis cursus over.

De vier stappen uit het schema zijn de vier hoofdstukken van deze cursus. In hoofdstuk 1 scheid je tijdelijke van permanente verschillen met de balansbenadering: alleen een verschil dat ooit terugloopt naar nul levert een latentie op. In hoofdstuk 2 leid je uit de aard van de post en de twee boekwaarden af of er een actieve of een passieve latentie ontstaat. In hoofdstuk 3 bouw je de verschillenmatrix, kies je het toepasselijke tarief en sluit je de beginstand aan op de eindstand. In hoofdstuk 4 valt de belastinglast uiteen in een acuut en een latent deel en maak je de journaalposten.
Deze cursus legt de systematiek uit aan de hand van de voorbeelden uit onze syllabus. Het is geen fiscaal advies en geen verslaggevingsadvies. Tarieven, termijnen en regels veranderen, en wat in een concreet dossier juist is hangt af van de feiten, van het stelsel waaronder wordt gerapporteerd en van de tekst van de wet en de richtlijnen op dat moment. De rekenvoorbeelden hierna gebruiken een tarief van 25,8 procent, omdat de syllabus dat percentage hanteert. Reken in je eigen dossier met het tarief dat daar van toepassing is, en toets je uitwerking aan de geldende regelgeving.
Voor wie deze cursus bedoeld is
Voor accountants, controllers, samenstellers en financieel medewerkers die de begrippen kennen maar de uitwerking scherper willen krijgen. Voorkennis van specifieke regelgeving heb je niet nodig, wel het vermogen om een balans te lezen en een journaalpost te maken. Kom je uit de aangiftepraktijk, dan herken je de fiscale kant en gaat het je vooral om de vertaling naar de jaarrekening; kom je uit de samenstelpraktijk, dan is het net andersom.
Hoe je de cursus het beste leest
- Houd een dossier bij de hand. Bij vrijwel elk onderwerp kun je jezelf de vraag stellen hoe het in die specifieke jaarrekening is opgelost, en of die oplossing houdbaar is.
- Reken de voorbeelden zelf na. De rekenlogica van latenties zit pas in je vingers als je een paar keer zelf het verschil hebt uitgerekend en geboekt.
- Lees de hoofdstukken op volgorde. Hoofdstuk 2 bouwt op de balansbenadering uit hoofdstuk 1, hoofdstuk 4 haalt zijn bedragen uit het mutatieoverzicht van hoofdstuk 3.
- Doe de oefening aan het eind van elk hoofdstuk op papier. De uitwerking van hoofdstuk 1 gebruik je in de latere hoofdstukken opnieuw.
Wat de volledige training verder doet
De training telt veertien hoofdstukken. Na de vier die je hier leest gaat het over de fiscale positie in de balans, de ontstaansbronnen per balanspost, latenties binnen de fiscale eenheid, herwaardering, verrekenbare verliezen, de verwerking volgens RJ 272 en IAS 12, waardering en contant maken, de presentatie en het verloopoverzicht in de toelichting, en de valkuilen uit de controlepraktijk. Daar hoort een trainer bij en je eigen dossier op tafel.
Each chapter ends with a short knowledge check of three questions: answer them correctly to mark the chapter as completed. Your progress is saved automatically in your browser.