4. Creatieve technieken voor nieuwe ideeën

Het eerste idee dat opkomt, is meestal ook het idee dat je concurrent had. Dat is geen toeval: jullie lezen dezelfde vakbladen, jullie schrijven voor dezelfde markt, en jullie hoofd grijpt onder tijdsdruk naar wat het dichtst bij ligt. Wie teksten schrijft die opvallen, heeft daarom een werkwijze nodig die verder komt dan die eerste reflex. Niet omdat inspiratie niet bestaat, maar omdat je er op donderdagmiddag om half vier niet op kunt wachten.

Learning objectives

After this chapter:

  • Weet je wat divergeren en convergeren zijn en waarom je ze nooit tegelijk doet.
  • Ken je de vier spelregels van een divergeerronde.
  • Werk je met de dubbele diamant van een vage opdracht naar een scherp idee.
  • Zet je de zeven denkzetten van SCAMPER op een kop, een zin of een heel aanbod.
  • Vervorm je een tekst die correct is maar niets doet, en haal je daar bruikbare zinnen uit.

Eerst breed, dan scherp

De dubbele diamant: eerst de vraag verkennen en vastzetten, daarna de invalshoeken verkennen en een idee kiezen, met de vier spelregels van divergeren eronder.
De vier stappen staan onder de diamanten, de spelregels voor het brede deel eronder.

Divergeren is het openzetten van je denken. Je verzamelt zoveel mogelijk mogelijkheden zonder er ook maar één te beoordelen. Kwantiteit is in die fase het enige doel, want een lange lijst bevat nu eenmaal meer bruikbaars dan een korte. Convergeren is het omgekeerde: je weegt, schrapt, combineert en kiest. Daar hoort het oordeel wel thuis.

De fout die de meeste schrijvers maken is dat ze allebei tegelijk doen. Je bedenkt een kop, hoort in je hoofd meteen "dat vindt de directeur niks", en het idee is dood voordat het op papier staat. Het oordeel is een rem, en met een rem erop kom je niet ver genoeg om iets nieuws tegen te komen. Daarom scheid je de twee bewegingen in tijd: eerst tien minuten alleen maar produceren, daarna pas selecteren.

De dubbele diamant

Je maakt die twee bewegingen niet één keer, maar twee keer. In de eerste diamant werk je aan de vraag, in de tweede aan het idee.

Je begint met de vraag verkennen. Je noteert alles wat de opdracht zóu kunnen zijn. Gaat deze vacaturetekst over het vinden van een monteur, over het imago van het bedrijf, over het aantal sollicitanten, of juist over het soort sollicitanten dat je wilt afschrikken? Dan volgt de schrijfvraag vastzetten: je kiest één formulering en legt die naast je schrijfdoel en je lezer. Alles wat daarna komt dient die ene vraag. De taille van de diamant is het moment waarop je stopt met twijfelen over de opdracht.

Daarna ga je opnieuw open, nu op ideeniveau: de invalshoeken verkennen. Je verzamelt beelden, openingen, koppen, vergelijkingen, vormen en absurde varianten. Alles gaat op de lijst. En tot slot kiezen wat je uitwerkt: je legt je oogst langs een paar criteria en houdt één richting over. Pas daarna begin je aan je eerste versie.

De winst zit vooral in die eerste stap. Veel teksten mislukken niet omdat het idee zwak was, maar omdat de vraag verkeerd stond. Een half uur aan de voorkant scheelt drie herschrijfrondes aan de achterkant.

Example

Een installatiebedrijf zoekt een servicemonteur. De eerste vraag lijkt: hoe schrijven we een aantrekkelijke vacaturetekst? Na een ronde divergeren over de vraag zelf blijft er een scherpere over: hoe laten we een monteur die nu al werk heeft, zien dat hij hier minder tijd kwijt is aan gedoe?

Die ene herformulering verandert de hele oogst. In plaats van "marktconform salaris" en "een leuk team" komen er invalshoeken op tafel als een dag uit het logboek van een monteur, het aantal minuten dat de administratie per klus kost, en een kop over de vrijdagmiddag die om vier uur echt ophoudt. Geen van die drie was op de lijst gekomen bij de eerste vraagstelling.

Vier spelregels voor een divergeerronde

Uitstel van oordeel. Tijdens de ronde bestaat er geen slecht idee, niet hardop, niet in je hoofd en niet met een streepje in de kantlijn. Beoordelen doe je later.

Kwantiteit boven kwaliteit. Je spreekt een aantal af en een tijd. Twintig koppen in tien minuten werkt beter dan "even wat brainstormen". De eerste zeven zijn cliché, de laatste vijf zijn interessant, en precies daarom mag je niet stoppen bij zeven.

Ruimte voor het rare. Ideeën die niet kunnen, mogen op de lijst. Een onuitvoerbaar idee is vaak de buitenkant van een uitvoerbaar idee. Je temt het later.

Voortbouwen in plaats van afbreken. Bij elk idee stel je de vraag wat er nog naast kan. Werk je met een paar collega's, dan is "ja, en ..." de enige toegestane reactie.

Tip

Een timer helpt. Een divergeerronde zonder tijdslimiet zakt binnen drie minuten in een discussie over haalbaarheid. Met tien minuten op de klok blijft de druk op productie staan, en juist die druk levert de ideeën op die je niet had verwacht.

Convergeren met criteria

Selecteren op gevoel eindigt bijna altijd bij het veiligste idee, omdat dat het bekendst voelt. Vier vragen houden je scherp. Past het bij je kernboodschap? Een prachtig idee dat een andere gedachte achterlaat dan je bedoelde, is een prachtig idee voor een andere tekst. Past het bij de fase waar je lezer in zit? Een grappige invalshoek werkt niet bij iemand die op het punt staat te beslissen en om bewijs zit te wachten. Kan het in dit kanaal? Een idee dat vierhonderd woorden nodig heeft, past niet in een banner van acht. En verrast het? Zou je concurrent hier ook op zijn uitgekomen, dan ligt er waarschijnlijk nog iets beters op je lijst.

SCAMPER

De zeven denkzetten van SCAMPER: vervangen, combineren, aanpassen, vergroten of verkleinen, ander gebruik, weglaten en omdraaien, elk met een voorbeeld voor een vacaturetekst.
Elke denkzet met wat hij oplevert op één vacaturetekst voor een monteur.

Vrij associëren werkt, maar het loopt vast zodra je hoofd leeg is. SCAMPER lost dat op met dwang: zeven vaste denkzetten die je op je onderwerp loslaat, ook als je even niets voelt. De techniek komt uit het bedenken van producten, en werkt net zo goed op een kop, een openingszin of een compleet aanbod.

Vervangen. Je haalt één element eruit en zet iets anders neer: het onderwerp van je zin, de plek waar je scène zich afspeelt, of de persoon die aan het woord is. "Onze cursus schrijven" wordt "de vrijdagmiddag waarop je offerte af moet".

Combineren. Je plakt twee dingen aan elkaar die normaal los staan: een klantcase plus een rekensom, een vacature plus een dag uit het logboek, twee kanalen die naar elkaar verwijzen.

Aanpassen. Je leent een vorm die elders al werkt. Hoe zou een sportverslaggever dit brengen? Hoe ziet een bijsluiter eruit, een menukaart, een weerbericht? De vorm sleept een toon mee die je zelf niet had bedacht.

Vergroten of verkleinen. Je draait aan de schaal. Je maakt het getal groter, "per jaar" in plaats van "per maand", of juist kleiner en dichterbij, "elke woensdagochtend". Je rekt je belofte op tot ze bijna niet meer te geloven is en kijkt wat er overblijft als je terugschaalt.

Ander gebruik. Je zet je tekst of je aanbod in een situatie waar hij niet voor bedoeld was. Wie gebruikt jouw product nog meer? Waar zou deze alinea ook van pas komen, in een verkoopgesprek of op een beursstand?

Weglaten. Je schrapt iets essentieels en kijkt of het echt essentieel was. De bedrijfsnaam in de eerste alinea gaat eruit. De inleiding gaat eruit. Alle bijvoeglijke naamwoorden gaan eruit.

Omdraaien. Je zet de volgorde op zijn kop of beweert het tegendeel. Je begint bij het resultaat en werkt terug. Of je schrijft de kop "Waarom je deze cursus beter niet kunt volgen" en merkt hoe scherp je opeens wordt.

Example

Datzelfde installatiebedrijf heeft een vacaturetekst die begint met "Wij zijn een dynamische organisatie". Zeven denkzetten leveren zeven startpunten op.

Vervangen: niet "wij zoeken", maar "Peter zoekt een collega", met de teamleider als afzender. Combineren: de vacature plus het uurrooster van een echte dinsdag. Aanpassen: geschreven als menukaart, met "wat je bij ons krijgt" en "wat je meebrengt". Vergroten: "in twaalf jaar zijn er drie monteurs vertrokken" in plaats van "laag verloop". Ander gebruik: dezelfde tekst als praatplaat voor de open dag. Weglaten: alle functie-eisen schrappen en alleen het werk beschrijven. Omdraaien: "Dit werk is niets voor je als je van kantoortuinen houdt."

Van die zeven zijn er meestal twee of drie bruikbaar. Dat is precies genoeg, want je zocht één ingang en geen zeven.

Je tekst vervormen

De technieken hierboven helpen je aan ideeën. Vervormtechnieken doen iets anders: die pak je erbij als er al een tekst ligt en die tekst braaf is. Je dwingt je bestaande zinnen in een vorm die niet past, en juist door die wrijving komen er formuleringen los die je in het nette schrijven nooit had opgeschreven. Vervormen doe je altijd met een kopie, nooit met je origineel, want je wilt zonder aarzeling kunnen slopen.

Inkorten in stappen. Je neemt een alinea van honderd woorden en brengt hem terug naar veertig. Daarna naar vijftien, en tot slot naar zes. Bij elke stap moet je kiezen wat er echt toe doet. Die versie van zes woorden is zelden je eindtekst, maar vaak wel je kop.

Uitrekken. Het omgekeerde. Je pakt één zin, bijvoorbeeld "onze service is snel", en schrijft er tien regels van met een tijdstip, een naam en een plek erin. Uitrekken dwingt je tot tonen in plaats van beweren, want vaagheid houdt geen tien regels vol.

Omdraaien. Je schrijft de tekst vanuit het tegendeel. Wat zou een ontevreden klant zeggen? Hoe ziet de week van je lezer eruit als hij niets doet? De negatieve versie levert bijna altijd concretere details op dan de positieve, en die details verhuis je terug.

Van stem of kanaal wisselen. Je herschrijft dezelfde inhoud als appje aan een vriend, als radiospot van tien seconden, of in de woorden van je klant. De toon die daaruit komt is losser dan je normale zakelijke stem.

Wat je overhoudt is meestal geen hele tekst, maar een handvol zinnen die opvallen tussen de rest. Die zinnen verhuizen naar je echte versie. De vervormde versies gooi je weg, en dat kost soms moeite, want je bent er intussen aan gehecht geraakt.

Example

Een softwarebedrijf heeft op zijn website staan: "Onze supportafdeling staat dagelijks voor u klaar en streeft naar een snelle en zorgvuldige afhandeling van uw vragen." Correct, en volstrekt inwisselbaar.

Uitgerekt naar tien regels komt er dit uit: "Je belt om 8.40 uur. Marieke neemt op, niet een keuzemenu. Ze heeft je installatie voor zich terwijl je praat, dus je hoeft niet uit te leggen welke versie je draait. Bij zeven van de tien vragen hangt de telefoon binnen een kwartier weer op." Ingekort naar zes woorden levert dat op: "Marieke neemt op, geen keuzemenu."

De uitgerekte versie is te lang voor de pagina en de zes woorden zijn te kaal voor een alinea. Maar samen zijn ze de nieuwe tekst: de zes woorden worden de kop, twee zinnen uit de lange versie komen eronder. De oorspronkelijke zin gaat weg.

Tip

Vier minuten per vervorming is genoeg. Zonder tijdsdruk ga je redigeren in plaats van vervormen, en dan verdwijnt het effect.

Exercise

Pak een schrijfopdracht die op dit moment op je bureau ligt.

  • Vijf minuten: noteer vijf verschillende formuleringen van wat de opdracht eigenlijk is. Elke formulering begint met "hoe" en gaat over je lezer, niet over jezelf. Kies er één en schrijf die uit als schrijfvraag.
  • Tien minuten: noteer minstens vijftien invalshoeken of koppen bij die vraag, zonder iets door te strepen of te beoordelen.
  • Loop je vast, zet dan SCAMPER erop: zeven denkzetten leveren zeven nieuwe startpunten op.
  • Scoor je vijf favorieten op de vier criteria met een plus, een nul of een min. Noteer welk idee overblijft en waarom dat sterker is dan het eerste idee dat je opschreef.
  • Kies daarna één alinea uit je tekst die correct is maar niets doet. Kopieer hem vier keer: kort in naar zes woorden, rek uit naar tien regels met een tijdstip en een eigennaam erin, schrijf hem vanuit het tegendeel, en schrijf hem als appje aan een goede bekende.

Streep in alle vier de versies de zinnen aan die je verrassen, en bouw je alinea opnieuw op met minstens twee van die zinnen erin.

Summary

  • Divergeren is verzamelen zonder oordeel, convergeren is wegen en kiezen. Je doet ze nooit tegelijk, want het oordeel is een rem.
  • De dubbele diamant zet die twee bewegingen twee keer achter elkaar: eerst op de vraag, daarna op het idee.
  • Veel teksten mislukken niet op een zwak idee maar op een verkeerd gestelde vraag. Een half uur aan de voorkant scheelt drie herschrijfrondes.
  • Vier spelregels bij divergeren: uitstel van oordeel, kwantiteit boven kwaliteit, ruimte voor het rare, en voortbouwen in plaats van afbreken.
  • Convergeer op vier vragen: past het bij je kernboodschap, bij de fase van je lezer, bij dit kanaal, en verrast het?
  • SCAMPER geeft zeven denkzetten: vervangen, combineren, aanpassen, vergroten of verkleinen, ander gebruik, weglaten en omdraaien.
  • Vervormtechnieken zet je in op een bestaande, brave tekst: inkorten, uitrekken, omdraaien en van stem wisselen. Altijd op een kopie, altijd met een timer. Het resultaat is grondstof, geen eindtekst.
Knowledge check

Waarom scheid je divergeren en convergeren in tijd?

Je herschrijft "Wij zoeken een servicemonteur" naar "Peter zoekt een collega". Welke denkzet van SCAMPER pas je toe?

Wat lever je op met een vervormtechniek als uitrekken of inkorten?

Ready for the next step?

Je hebt de gratis starter van Commercieel en creatief schrijven afgerond. Het volgende hoofdstuk in de volledige training is De lezer in beeld: Het lezersprofiel, persona's opstellen, de pijnpunten van je lezer en de vraag wat het hem oplevert.

Take the 2-day course →

Vanaf €1250,- excl. btw · met een ervaren trainer erbij

Share this chapter: