Introduction
Je legt uit waarom het anders moet. Je noemt de gevolgen, je draagt een oplossing aan, je hoort jezelf redelijk klinken. De ander knikt, en doet daarna precies wat hij al deed. Dat ligt niet aan zijn karakter en niet aan de kwaliteit van jouw argumenten. Het ligt aan de rolverdeling die je zonder het te merken in gang zet.
Motiverende gespreksvoering draait die rolverdeling om. Niet jij levert de argumenten voor verandering, de ander doet dat. Jouw werk is vragen stellen, luisteren en ruimte maken voor twijfel, zodat iemand zichzelf hardop hoort zeggen wat hij eigenlijk wil. Dat klinkt passief. Het is het tegenovergestelde: het is een methode met eigen begrippen, eigen vaardigheden en een grondhouding die je bewust aanzet.

Deze gratis cursus bevat de eerste vier hoofdstukken: het oranje deel van de balk hierboven. Onderaan hoofdstuk 4 vind je de volledige training.
Waar de methode vandaan komt
De Amerikaanse psycholoog William Miller werkte in de jaren tachtig in de verslavingszorg en zag iets wat niemand verwachtte. De mensen die het hardst werden aangepakt, met stevige waarschuwingen en sluitende argumenten over de schade van hun drinken, deden het na de behandeling niet beter. Vaak zelfs slechter. De mensen die een luisterende behandelaar troffen, hielden de verandering wel vast.
In 1983 schreef Miller daar een artikel over, en pas daarna ontstond het contact met de Britse psycholoog Stephen Rollnick. Samen publiceerden ze in 1991 het eerste boek over de methode. Inmiddels zijn er honderden gecontroleerde onderzoeken gedaan en is het toepassingsgebied ver buiten de verslavingszorg gegroeid: huisartsenpraktijk, jeugdzorg, re-integratie, onderwijs, HR en leidinggeven. Overal waar iemand twijfelt tussen blijven en veranderen, waar advies niet aankomt, en waar mensen zich vastzetten zodra je aan hun gedrag komt.
What you will learn
Je begint bij het mechanisme. In hoofdstuk 1 zie je waarom overtuigen zo vaak het tegenovergestelde oplevert van wat je wilt, en waarom weerstand niet in de ander zit maar tussen jullie in ontstaat. Dat is geen vriendelijke gedachte maar een bruikbare: wat tussen jullie ontstaat, kun je zelf beïnvloeden.
In hoofdstuk 2 leer je twijfel lezen. Ambivalentie is de normale toestand van iemand die op het randje van verandering staat, en behoudtaal is de hoorbare kant daarvan. Je leert de vijf vormen herkennen en je leert waarom je er niet tegenin moet gaan, hoe graag je ook wilt.
Hoofdstuk 3 gaat over de andere kant van diezelfde weegschaal: verandertaal. Je leert het verschil horen tussen iemand die iets wil en iemand die iets gaat doen, met de letters DARN en CAT als hulpmiddel, en je krijgt vier vragen waarmee je die taal boven haalt in plaats van erop te wachten.
Hoofdstuk 4 gaat over wat je doet als het stroef loopt. Je leert je eigen reparatie-reflex herkennen, je leert het verschil tussen tegendruk over het onderwerp en gedoe in de relatie, en je leert meerollen: niet terugduwen als de ander duwt, maar meebewegen tot er weer ruimte is.
Hoe de cursus is opgebouwd
De training volgt vier thema's die op elkaar voortbouwen. Je begint bij de omkering: de argumenten voor verandering komen van de ander, niet van jou. Dan komt twijfel: ambivalentie lezen in plaats van wegduwen. Daarna verandertaal: horen wanneer iemand in beweging komt en die woorden versterken. En je sluit af met meebewegen: je reflex inhouden, meerollen met weerstand en autonomie teruggeven. Elk hoofdstuk bevat een model, voorbeelden uit de praktijk en een oefening die je op je eigen gesprekken toepast.
Practical tips for use
- Houd een notitieblok of een leeg document bij de hand. De oefeningen werken alleen als je ze echt invult, en ze werken beter met een gesprek van vorige week dan met een verzonnen voorbeeld.
- Kies per hoofdstuk één ding dat je binnen een week in een echt gesprek probeert. Klein en concreet werkt beter dan alles tegelijk, want anders ben je vooral met jezelf bezig in plaats van met de ander.
- Lees niet alles in één ruk uit. Tussen twee hoofdstukken zit de tijd waarin je iets probeert en merkt wat het doet.
- Train je oor. Tel in de gesprekken van vandaag alleen hoeveel behoudtaal en hoeveel verandertaal je hoort. Doe er verder niets mee. Na een dag of drie hoor je het verschil vanzelf.
- Wees mild voor jezelf. De reflex om te helpen door op te lossen zit diep en die ben je na één hoofdstuk niet kwijt.
Each chapter ends with a short knowledge check of three questions: answer them correctly to mark the chapter as completed. Your progress is saved automatically in your browser.
Veel leesplezier. En als je halverwege merkt dat je in een gesprek je mond houdt terwijl je een prima tip paraat hebt: dan werkt het.