Python is de taal waarin bijna iedereen snel kan leren programmeren. Je schrijft er een klein hulpprogramma mee, je analyseert er gegevens mee, je bouwt er een website of een applicatie mee, en zo goed als alles wat met AI en machine learning te maken heeft, loopt erop. Kortom: Python is overal, en het is de taal om te leren als je programmeren in je werk nodig hebt.

Een Nederlandse taal

Python is in 1989 bedacht door Guido van Rossum. Hij werkte bij het Centrum voor Wiskunde en Informatica in Amsterdam en wilde op een eenvoudige manier programma's schrijven voor een project daar. De taal werd eerst door een handvol mensen gebruikt, en groeide daarna snel. Van Rossums begeleiding heeft de gebruikersgroep gemaakt tot wat hij nog is: open en vriendelijk voor iedereen die met Python wil werken.

In de TIOBE-index, die bijhoudt welke talen veel gebruikt worden, staat Python al jaren op de eerste plaats.

Wat je er in een paar regels mee doet

Er bestaan inmiddels duizenden Python-modules, kant-en-klare stukken code die je kunt gebruiken. Daardoor is veel werk kort. Een tekstbestand openen, tellen welke woorden erin voorkomen en hoe vaak, de meest voorkomende eruit halen en er een grafiek van maken: dat is een handvol regels.

Hetzelfde geldt voor gegevens ophalen van een website, of een analyse maken over het effect van advertenties in verschillende regio's door de verkoopcijfers van de winkels daar te koppelen aan het gebied waar de media verschijnen. En moet het resultaat in Excel, dan kost dat één regel extra.

Data-analyse

Dit is waarvoor Python in de meeste organisaties binnenkomt. Met pandas werk je met tabellen zoals je in Excel met werkbladen werkt, maar zonder de grens van een miljoen rijen en met de mogelijkheid om dezelfde bewerking morgen precies zo te herhalen. Dat laatste is de echte winst: een analyse in Python is een script dat je opnieuw kunt draaien, een analyse in een spreadsheet is een reeks handelingen die niemand meer kan navertellen.

Voor grafieken zijn er matplotlib en plotly, en met openpyxl lees en schrijf je Excel-bestanden. Wie een terugkerende rapportage in de hand doet, kan die meestal in een middag omzetten in een script van dertig regels.

Python en AI

Alle grote AI-platformen worden vanuit Python bestuurd, en dat is niet toevallig: de taal is makkelijk genoeg om wetenschappers en ingenieurs zelf te laten programmeren. Machine learning doe je met scikit-learn voor het gewone werk, en met PyTorch voor neurale netwerken. Wil je een taalmodel in je eigen programma gebruiken, dan is dat een paar regels: je stuurt een vraag naar een API en je krijgt een antwoord terug dat je in je eigen code verwerkt.

Dat werkt ook de andere kant op. Python is de taal waarin AI-hulpjes het meest getrainde materiaal hebben, dus je krijgt er ook de bruikbaarste suggesties in. Wat je zelf moet kunnen, is nakijken of wat er staat doet wat je bedoelde, en dat is precies waarom de basis leren nog steeds de moeite is.

Waar je aan begint

In een paar dagen schrijf je al kleine, nuttige programma's: gegevens van een website analyseren, een reeks bestanden omzetten, of het gebruik van netwerkapparatuur in de gaten houden. Vanaf dat punt gaat het verder in de richting die jouw werk vraagt.

In de cursus Python programmeren basis begin je bij het begin en schrijf je aan het eind je eigen scripts. Daarna kun je verder met de cursus Python Vervolg.

Gaat het je vooral om gegevens, dan sluit Python voor data-analyse beter aan, en voor wie in Excel vastloopt is er Excel automatiseren met Python.